hldd0umdhyh5c7mglsn29ql0j-tre89i1w4h9m-533tsstg-4wd1kw-wetspv7ov6qf520qq6sl6dt-qwfy8gsd6y-pn8d9g-dm1iazu29-hpbioy52dq8xm12kf5x4n
 
Zoeken
  • Nikko Norte

The road to serfdom …

Mijn blik dwaalt over het Zwitserse Graubünden en via mijn benen in mijn zwarte vliegoverall naar de fletsrode bergschoenen waarmee Heidi me gisteren verraste. Het eh... het ontbreekt me niet aan bergschoenen, maar ik voel me kinderlijk blij met dit paar en realiseer me dat het bijdraagt aan mijn geluk om nog steeds kinderlijk blij te kunnen zijn met een paar schoenen, met de aanblik van de herfstkleuren onder me, met de frisse lucht die in mijn neus bijt en … oh man.


Mijn vliegoverall kocht ik dertig jaar geleden in Engeland toen ik daar een opleiding volgde om ultralightvliegtuigen te mogen vliegen. De cockpit van de ultralight die ik vloog, was open en mijn overall voorkwam dat de kou afbreuk deed aan mijn vliegplezier. In de schemer en meestal in de miezer wandelde ik na elke vliegdag tussen hedgerows naar het Merlin Hotel in het dorp Marlborough. Via krakende trappen en hallen met scheve vloeren belandde ik in mijn kleine kamer. Bloemetjesgordijnen voor het enkelglas raam, dat uitzicht bood over het kerstverlichte dorpsplein. Laura Ashleybehang aan de wanden. Een kleed op de houten vloer, een eenpersoonsbed met lakens en een deken, een extra deken in de eiken kast, het straaltje water dat in de badkamer uit de douchekop stroomde lauwwarm. Rillend onder die douche verheugde ik me op een maaltijd bij de haard in de gelagkamer en droomde ik ervan voorgoed mijn intrek te nemen in het Merlin Hotel. Tegenover de eiken kast stond een eiken bureau, op dat bureau een schrijfblok en mijn Watermanvulpen. Vliegen, schrijven, wandelingen tussen hedgerows en eh… oké, de vrouw die de bar bemande van de pub die bij het hotel hoorde, was een knockout, de arrogantie waarmee ze de aanbidders aan haar toog afwimpelde intrigerend …


Voor mijn examen vloog ik naar Popham Airfield, in de buurt van de stad Basingstoke, waar een examinator op me wachtte. Na de examenvlucht, verkleumd in de cafetaria naast een van Pophams twee runways, onze handen om mokken oploskoffie, merkte mijn examinator op dat hij me zijn vrouw als passagier toe durfde te vertrouwen.

Sorry to have disappointed you, sir,’ antwoordde ik beleefd. Hij schoot in de lach en een week later was ik de trotse bezitter van mijn eerste pilotenbrevet, wat ik vierde met een intrigerende Engelse in The Sun, een pub tegenover het Merlin Hotel waarvan het plafond in de gelagkamer zo laag was dat zelfs ik moest oppassen mijn hoofd niet te stoten, de kerstsfeer massief …


Een jaar later bezocht ik Popham Airfield opnieuw, in een Scottisch Aviation Bulldog die ik overwoog te kopen. Het vliegtuig was ooit geproduceerd voor de luchtmacht van Botswana en was in de originele camouflagekleuren gekocht door een Engelsman die had verzuimd me te waarschuwen voor de bocht in de runway waarvan ik opsteeg. Het was in die bocht, tien procent flaps, een paar knopen onder takeoff speed, dat mijn Bulldog in een Mustang veranderde en ik besloot op Bremen aan te vliegen, hoewel ik nadat ik de simpele after-takeoff checklist had afgewerkt over het witte paard van Uffington naar het zuiden vloog, de ouderwetse, soms verontrustende klanken van bewegende metalen onderdelen mijn enige gezelschap in de cockpit. Nadat een duikvlucht naar het kantoor van mijn voormalige ulralightinstructeur in Marlborough me eraan herinnerde dat ik een van de weinige piloten ben die zichzelf af en toe luchtziek vliegt, zette ik koers naar Popham Airfield.


Te langzaam taxiede ik na een mok koffie naar het begin van een runway. Het voorwiel van de Bulldog raakte iets, waarop het vliegtuig als een winkelwagentje naar links zwenkte, tot stilstand kwam in een koren veld en ik me recapitulerend wat me was overkomen, afvroeg of het geen tijd was mijn slapstickleven op te geven. Bukken voor een rondzwaaiende ladder, schop onder mijn kont, mijn hoofd in een emmer water. Dat was het zo’n beetje sinds ik besloot mijn leven niet op te hangen aan de uitslag van een Cito-toets en … mijn hoogtemeter piept al een tijdje rustig, maar onafgebroken. Zonder over mijn handelingen na te denken, cirkel ik onder mijn paraglider in een kolom opstijgende lucht, die ik niet verwachtte, eind oktober.


Van mijn nieuwe bergschoenen dwaalt mijn blik opnieuw over Graubünden en ik denk aan de oude legertent die ik in een vorig leven ’s winters opzette op een camping in het dorp Savognin. Tafel, stoel, stalen kast, veldbed, slaapzak, dieselkachel en een brander om op te koken. Drie maanden per jaar in de sneeuw en … ik weet waarom ik me vastbijt in herinneringen. Heel dom keek ik vanmorgen naar twee filmpjes waarnaar ik niet had moeten kijken.


In het eerste filmpje legde een Afrikaanse arts uit dat groepsimmuniteit tegen corona in delen van Afrika zo goed als een feit is, juist omdat de meeste Afrikanen de coronamaatregelen die hun overheden uitvaardigen níét naleven en, vulde ik aan, omdat de comorbiditeiten die corona voor sommige westerse mensen gevaarlijk maken zeldzaam zijn in Afrika. In het tweede filmpje besprak een arts een onderzoek waaruit blijkt dat in Israël de boostershots succesvol zijn in de strijd tegen corona. Hij vergat op te merken dat de noodzaak van boostershots het falen van het Israëlische vaccinatieprogramma onderschrijft en daarmee het falen van boostershots voorspelt. Heidi vond het onderzoek op het internet en organiseerde dat ik het op mijn computer kon lezen.


Goed onderzoek. Het boostershot, zag ik overtuigend bevestigd, verkleint de kans ernstig ziek te worden na een coronabesmetting en een uitspraak van de held van de Zesdaagse Oorlog, generaal Dayan, was me te binnen geschoten: We are a small country, but strong. Man, Israëli zijn inmiddels zo zwak dat ze niet meer ernstig ziek mogen zijn van een griepvariant die voor slechts een ongezonde enkeling dodelijk is. Ja maar, zeurde een stem in mijn hoofd toen ik naar de top van de Golm wandelde, als mensen niet ernstig ziek worden, zijn ze minder besmettelijk. Met ernstige griepverschijnselen, antwoordde ik in mijn gedachten, liggen mensen in hun bed besmettelijk te zijn. Met milde griepverschijnselen en gewapend met een QR-code die aangeeft dat ze gezond zijn, zijn mensen in het openbaar vervoer, op hun werk en in cafés besmettelijk.


Verder lezend in het onderzoek, voordat ik aan mijn wandeling begon, leerde ik dat de werkzaamheid van het boostershot na twintig dagen over haar piek is. Over bijwerkingen las ik niets en ik realiseerde me dat de tijd dringt voor het Westen om het Afrikaanse voorbeeld te volgen en overheden te dwingen corona nu werkelijk te lijf te gaan – met gefocuste bescherming – en te stoppen corona te misbruiken ons via een coronapaspoort te verplichten the road to serfdom te bewandelen – wie kent Hayek niet? – en … ik vlieg een wolk in. Mijn hoogtemeter blijft piepen maar niet sneller dan voorheen, wat betekent dat de wolk dezelfde energie bevat als de lucht eronder. Mijn wereld is grijs, mijn oriëntatie weg.


Stuurlijnen los, draagt een kalme stem in mijn hoofd me op. Ik doe wat me wordt gezegd, besef dat een fenomeen dat kieleffect heet me op een rechte koers houdt en adem een paar keer in mijn handen om het koolstofdioxideniveau in mijn bloed op te krikken, waarmee ik misschien voorkom dat mijn paniek zich tot een paniekaanval ontwikkelt. Nerveus stuntelend lukt het me mijn hakken in de speedbar te haken. Ik strek mijn benen en voel aan de wind op mijn gezicht dat ik snelheid win. Als het me lukt mijn rust te bewaren, vlieg ik over een paar minuten deze wolk weer uit en ik denk aan de keer dat ik in een tweemotorige Seminole de wolken in vloog, onderweg naar Teterboro Airport in New York, eigenlijk New Jersey.


Net geslaagd voor mijn instrument rating had ik nog nooit actual IFR gevlogen. Mijn hart bonkend, mijn ogen gefixeerd op mijn instrumenten, mijn oren gespitst op de instructies die de toren van Teterboro me gaf, werkte ik de pre-landing checklist af en gleden mijn vingers over knoppen en hendels. ‘Landing gear down,’ hoorde ik mezelf mompelen, waarop ik mijn ogen loswrikte van het instrumentenpaneel en door de grijze massa om me heen naar het spiegeltje tuurde op mijn linkermotor waarin ik mijn neuswiel meende te zien. ‘One in the mirror, three in the green,’ mompelde ik en mijn hart sloeg over toen ik op het instrumentenpaneel zag dat de drie lampjes die hadden moeten branden níét brandden. In de hoop de wielen onder de vleugels in hun vergrendeling te klikken, als het probleem daar school, rolde ik de Seminole links en rechts bruusk op zijn kant. Geen groene lampjes. Mijn mond droog drukte ik op het rode knopje op de yoke en sprak ik in de microfoon voor mijn mond: ‘Teterboro tower, this is november triple, one, two.’

Triple, one, two …’

Teterboro tower, malfunctioning landing gear indicators, I need a fly-by for a visual check,’ meldde ik correct en ik loog: ‘Experienced pilot, triple, one, two.’

Oh lord …’ klonk de stem in mijn headset en … ik vlieg uit de wolk boven de Golm, de besneeuwde top van de Zimba links van me. Het gepiep van mijn hoogtemeter verstomt, maar ik heb voldoende hoogte om de zeven kilometer naar de landingsplaats te overbruggen.


Veel hoogte verlies ik niet. Meer dan achthonderd meter boven het dorp Schruns draai ik rondjes tot het tijd is in de richting van de landingsplaats te sturen. Meer coronagerelateerde sterfgevallen in Oostenrijk dan tijdens de najaarscoronagolf van vorig jaar. Het terras van de konditorei naast de kerk is vol, zie ik terwijl ik aan Orwell denk, die voorspelde dat de mensheid geluk zou verkiezen boven vrijheid. Grappig. Anderhalf jaar geleden genoten mensen bij de konditorei waarop ik neerkijk van hun relatieve vrijheid én van Kaffee mit Kuchen. Nu is het met vrijheid gedaan en is koffie met taart op een terras synoniem aan geluk. Als ongevaccineerde mensen verantwoordelijk zijn voor de huidige coronagolf, zou er in Oostenrijk geen noodzaak zijn iedereen ouder dan achttien op te roepen voor een boostershot en ik vraag me af hoe we ongevaccineerde mensen ervan kunnen overtuigen zich alsnog te laten vaccineren terwijl we gevaccineerde mensen ervan moeten overtuigen zich opnieuw te laten vaccineren omdat de vaccins niet doen wat ze beloven te doen. Skiën met Janssen geen optie in Oostenrijk en … koeien rond het postzegelgrote landingsveld. De windzak draait alle kanten op. Schrikdraad komt snel op me af en ik besef dat ik mijn landing beter had moeten voorbereiden. Ik probeer een van mijn nieuwe bergschoenen op het schrikdraad te zetten, mijn glider zwiept voorwaarts, een voet raakt de grond en ik hoor mijn enkel breken.


Verbijsterd lig ik in het gras, de pijn die ik voel onbeschrijfelijk. Ik ben misselijk. Te langzaam voel ik ergens mijn hart kloppen. Ik eh… ik ben de klos. Schop onder mijn kont, mijn hoofd in een emmer water. Een golf zelfmedelijden doet me naar lucht happen, maar ik klamp me vast aan de zekerheid die ik heb dat twee deuren zich openen voor elke deur die zich sluit en schiet in de lach als ik bedenk dat overheidsgelieerde wetenschappers me waarschijnlijk zouden hebben aangeraden mijn beide benen te laten amputeren om te voorkomen dat ik ooit een enkel zou breken …


Feel free to share ...